Objectenrij gedeeld door twee, 2002

 

Objectenrij gedeeld door twee #1, 2002, textieltoren Gent (KASK – academie Gent)

Objectenrij gedeeld door twee #2, 2004, STUK Leuven (Sint -Lukas Brussel, KULeuven,      Gerrit Rietveldacademie Amsterdam)

Een stilleven waar de objecten in een rechte rij geordend zijn, wordt in twee gescheiden door het in mat zwart beschilderen van één zijde.
De objecten die niet overschilderd zijn zullen qua materie een sterkere aanwezigheid hebben dan de beschilderde delen. Eigenschappen als transparantie, textuur, blinkend, weerkaatsend, kleur worden aan de ene zijde opgehelderd en aan de andere te niet gedaan. Matzwarte verf doet ook het ruimtelijk gevoel verdwijnen omdat de schaduw ‘overschilderd’ wordt.

 

Tekst door Géraldine Jonville n.a.v. expo Overschilderen, STUK Leuven 2004:         

Annelies Van Camp, studente aan de hogeschool Sint- Lukas Brussel, zit momenteel in het tweede meesterjaar experimenteel atelier.  Na een opleiding aan de humaniora Sint Lukas Brussel, afdeling Beeldende Vorming, volgde ze de kandidaturen van de opleiding beeldhouwkunst aan de academie van Gent.  Recentelijk nam ze deel aan Ithaka #13 in Leuven.  Naast deze tentoonstelling staan nog enkele andere op haar naam, waaronder Drievierde Laken, EEA Beelitz- Berlijn, Amsterdam Rietveld en Ithaka #12.  In relatie met het centrale thema van deze tentoonstelling presenteert zij het werk Objectenrij gedeeld door twee uit 2004.

De term overschilderen  werd gelanceerd door Etienne Van den Bergh met de bedoeling een overkoepelend woord te bedenken voor de kunstvormen die gebruikt maken van de picturale aspecten van de schilderkunst.  Hieronder worden eveneens de schilderijen gerekend die op hun beurt aspecten van de verscheidene media overnemen.  Hoewel het oeuvre van Annelies Van Camp niet bestaat uit schilderkunst in de nauwe zin van het woord, is in haar gebruik van picturale aspecten duidelijk een relatie te bemerken met dat medium.  Objectenrij is een sculptuur bestaande uit een reeks alledaagse objecten op rij geplaatst, die langs de ene kant met zwarte verf beschilderd werden.  De zwarte verf doet de ene helft versmelten tot een uniform geheel, waardoor een vervlakkend effect tot stand komt.  Niet alleen het 3D-effect verdwijnt, maar de objecten worden ook ontnomen van hun kleur en textuur.  De kleuren van de onbeschilderde helft worden hierdoor extra benadrukt.

Dit spelen met picturale contrasten staat in dienst van een concept dat aan de basis ligt van heel haar oeuvre.  De waarneming, een gegeven waar zoveel kunstenaars en filosofen mee geworsteld hebben, fungeert bij Annelies als een uitdaging en wordt doorheen haar kunstwerken bevraagd.

De zintuiglijke waarneming van de mens is voor zijn kennis en oriëntatie in de wereld een noodzaak.  Dankzij de in het onderbewustzijn opgeslagen beelden is het voor ons mogelijk om de dingen in onze alledaagse omgeving te herkennen.  De mens zal dus steeds refereren aan zijn a priori kennis van de werkelijkheid, waardoor hij na verloop van tijd met die dingen vertrouwd geraakt.  Het gevaar van die vertrouwdheid is echter dat we de bekende dingen wel zullen zien, maar niet meer ‘waarnemen’.

In haar werk tracht Annelies juist die geroutineerde blik van de toeschouwer tegen te gaan.  Door dagelijkse objecten te manipuleren en in bepaalde ruimtes te interveniëren; verdraait zij ons kijkgedrag.  Juist door het gebruik van die objecten die ons zo vertrouwd lijken, wordt de toeschouwer geconfronteerd met zijn eigen objectieve blik: passieve perceptie verandert in actief waarnemen.  

In Objectenrij gedeeld door twee maakt ze gebruik van zwarte verf om de herkenbaarheid van de objecten af te nemen, waardoor de toeschouwer gedwongen wordt die objecten opnieuw te ontdekken.  De details die na verloop van tijd onzichtbaar waren, worden nu weer zichtbaar gemaakt.  Net zoals in haar andere werken is niet het accent dat Annelies aanbrengt op de objecten belangrijk, maar het effect op de perceptie van de toeschouwer.

In zijn sculptuur Early One Morning uit 1962 paste Anthony Caro (°1924) deze techniek reeds toe.  Door zijn sculptuur te voorzien van een uniforme oranje kleur, probeerde hij de drie-dimensionaliteit van zijn beeld te reduceren.  De afzonderlijke delen leken een compacter geheel te vormen; de kunstenaar bespeelde de perceptie van de toeschouwer.  Hoewel beide kunstenaars heel verschillend werk scheppen, werd van verf en kleur gebruik gemaakt om de volumewerking van een sculptuur te herleiden tot het tweedimensionaal effect van een plat vlak.  Bij Annelies is dit contrast zelfs duidelijker, doordat maar de helft van de voorwerpen beschilderd werd en zij gebruik maakte van de meest efficiënte ‘allesvernietigende’ zwarte kleur.

Opmerkelijk is de keuze van Annelies om als laatste voorwerp in de rij een schilderij te plaatsen.  Enerzijds speelt het schilderij een belangrijke rol in de overgang tussen wand en vloer.  De sculptuur lijkt hierdoor vanuit de muur te vertrekken en dankzij het schilderij over te vloeien in de ruimte.  Als Annelies Van Camp met deze vertrouwde objecten, de perceptie van de toeschouwer wil versterken, dan kan de integratie van het schilderij als een boodschap geïnterpreteerd worden.  De toeschouwer wordt uitgenodigd om langer stil te staan bij het werk, opnieuw de ogen te gebruiken, de kunstwerken tot in de details te bekijken en die uiteindelijk op een nieuwe manier te ervaren.

Géraldine Jonville, 2004

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: